Veelzijdig Vancouver

"Go Canucks Go"
Het wordt bijna niet afwisselender dan in Vancouver. Want hoeveel steden zijn er waar je in één weekend naar het strand kan gaan, hiken of wintersporten in de bergen en daarna weer in het stadsleven terugkomt.
We beginnen zoals de Vancouverites hun zondag besteden. Allereerst lekker wandelen in het gigantische Stanley Park, nog groter dan Central Park in New York City. Er loopt een seaway om het park heen dat ons leidt langs de haven met ongekend helder water, de skyline en diverse bossen. Tot de imposante Lions Gate Bridge, die verdacht veel lijkt op The Golden Gate Bridge in San Francisco.
Dit land was eerst heilige grond van de First Nations (Indianen) en zelfs nog even van Japanners die hierheen werden gehaald als goedkope arbeidskrachten, maar daarna zijn ze allemaal zonder pardon verwijderd om dit park aan te leggen. Om dit te later goed te maken en tevens de First Nations te eren maakten diverse stammen prachtige totempalen voor het park. Deze palen zijn een kenmerk van de westkant van dit land en vertellen een echt of mythisch verhaal.
Helaas is de ronde vanaf de brug afgesloten voor onderhoud, dus vervolgen we onze weg door de dichtbegroeide bossen. Dat is het mooie van deze weg. Je hoeft nooit dezelfde weg naar huis te nemen.
We genoten van het frisse herfstweer zonder regen en besloten naar onze volgende bestemming te lopen. Dat is het speciale van deze stad. Van de bossen loop je zo downtown Vancouver in. In het zakencentrum vinden we vooral wolkenkrabbers zoals in elke stad. Maar in het pittoreske Gastown wanen we ons in tijden van weleer. Oude stenen huizen en klassieke lantaarnpalen. En natuurlijk gezellige restaurants.
Waarom deze wijk zo heet wordt meteen duidelijk door de ouderwetse stoomklok, die letterlijk stoom uitblaast. Nader onderzoek vertelt ons dat deze pas in de zeventiger jaren is neergezet. Maar we doen net alsof we dat niet weten. Houden het nostalgische gevoel vast en laten ons vergezellen door het fluitsignaal van de klok, dat ieder kwartier een deuntje speelt.
Van tevoren is ons verteld dat hier vele daklozen op straat wonen. Dat nemen we met een korrel zout, want ze zijn er zeker, maar veelal in dezelfde buurten. En ze doen, voor zover wij weten, niemand kwaad. Het is alleen sneu om te zien hoe het leven zo'n wending kan nemen. Notabene in een land als Canada waar alles goed geregeld is.
Voor een lekker drankje en diner nemen we plaats bij restaurant Local. Letterlijk tussen de lokale mensen op het terras, die uiterst gezellig het weekend inluiden.
Maar de dag was nog niet over. Er stond een echt Canadees evenement op de agenda: ijshockey! Of zoals ze hier zeggen gewoon hockey.
Bij Canadezen stroomt deze sport door hun aderen. Ook niet gek wanneer de thermometer, in de meeste plekken van het land, soms 25 graden onder nul aangeeft.
Een thuiswedstrijd voor de Vancouver Canucks tegen hun grote rivaal Calgary Flames. Of zoals een bezoeker het verwoordde: “this is the coolest match, cause they fuckin hate each other!” Nou als je de immer vriendelijke, rustige en beleefde Canadezen zo hoort praten dan moet het wel heftig zijn. IJshockey zal sowieso veel agressie opwekken, dachten we....
Gewapend met een hotdog, pretzel, popcorn en bier gaan we vol enthousiasme zitten. Eerst worden de teams schaatsend en het publiek kijkend, opgewarmd met beats alsof je in een club staat.
“Give a warm applause for the Vancouver Canucks!” En daar komen ze hoor. Heel veel stoere mannen als helden onthaald. Het andere team krijgt geen aankondiging omdat dit een thuiswedstrijd is voor de Canucks.
Maar eerst wordt verteld dat ze spelen op de voormalige grond van diverse First Nations stammen en dat ze daar dankbaar voor zijn. Een mooi eerbetoon.
Daarna staan alle spelers op een rij met een paar kleine hockeyers ertussen, het publiek gaat eerbiedig staan, terwijl een jonge zangeres vanaf het ijs het volkslied zingt. En mensen zingen allemaal mee! Toch wel twee kippenvel-momentjes.
Luid klinkt de leus “Go Canucks Go” (dat stopte niet meer) en daar gingen ze! Vijf man op het ijs, keeper met zwaar beschermende kleding aan en constant wisselend met de vele reserves. Maar de agressie telt hier niet, het is de snelheid! Vliegensvlug dansen ze over het ijs achter de puck aan, soms vallend en megarap weer omhoog.
Zeker de keeper ligt soms in posities die menig ballerina hem niet na zou doen. En ja natuurlijk soms wordt er wat geduwd en even gaan ze erop. Maar het raggen en beuken zoals wij verwachten is niet aan de orde. Door de snelheid beuken ze gewoon soms tegen elkaar en de muren.
Ze spelen drie kwartier met constante stops voor scheidsrechterbeslissingen en het ijs dat gereed wordt gemaakt. Tijdens het spelen is de muziek uit, in de tussenstukjes gaat het meteen weer aan. Met muziek, mensen op de schermen, andere sporters die worden geïnterviewd van het voetbal of rugby, spelletjes en zelfs een huwelijksaanzoek! En dan drie keer pauze. Alles bij elkaar duurt het drie uur. Onze ogen staan wagenwijd open van de constante sensatie, het verveelt geen minuut!
En die verwachte agressie?
Er gebeurde….helemaal niks.
Overal om ons heen diversiteit in geslacht en culturen, families en gezelligheid. Junior teams mogen in de rust ook een potje spelen en worden constant uitgelicht op de Jumbotron (schermen) boven het ijs. En het meest wonderbaarlijke? Beide teams komen door dezelfde deur binnen en zitten door elkaar heen in het publiek. De ene keer juich jij, de andere keer de buurman.
De thuisclub verliest en alle mensen lopen ook weer gemoedelijk samen naar buiten. Een mooier voorbeeld van de Canadese mentaliteit bestaat niet.
Natuurlijk willen we ook het natuurschoon rondom de stad aanschouwen dus staat Capilano Canyon op de planning.
In 1887 werd Vancouver verbonden met de rest van het een-na-grootste land op de wereld, Canada.
De rijke Schot George Grant Mackay verhuisde op zijn 62e vanuit zijn thuisland naar Capilano Canyon, 20 minuten vanaf de stad. Hij kocht land aan beide kanten van de canyon, bouwde er een huis toepasselijk genaamd ‘The Cliff House’ en verbond zijn twee stukken land met een stevige maar altijd lekker wiebelende hangbrug. Dit deed hij samen met de First Nations mensen die er woonden. Deze suspension bridge werd daarna nog drie keer vervangen. En is nu enorm sterk. Dat werd vooral duidelijk in 2006 toen er een gigantische Douglas spar bovenop viel en de brug gewoon bleef hangen.
Dit gehele natuurgebied werd overigens vernoemd naar ‘The Princess of Peace’, Mary Capilano (Squamish naam: Líxwlut), geboren in dit gebied in 1857. Een dochter voortgebracht door twee chiefs van verschillende stammen.
Door haar kwam er zelfs vrede tussen deze twee rivaliserende stammen.
Een krachtige vrouw die elke dag, door weer en wind, de rivier trotseerde en naar downtown Vancouver voer. Waar ze vis en fruit verkocht. En daar stopte ze pas mee toen ze goed en wel in de tachtig was!
Ze was getrouwd met Joe Capilano (S7ápelek), die ook een indrukwekkend man was. Hij werd Chief van de Squamish en streed hard voor gelijke rechten voor de First Nations. Hij vloog er zelfs ooit voor naar Engeland in vol traditioneel ornaat, om te praten met de toenmalige koning van het Britse rijk.
En de brug? Deze werd razend populair bij toeristen en dat is nog steeds zo. Maar nu hebben ze iets nieuws bedacht, een lichtjesparadijs! Speciaal voor de kersttijd.
Met respect voor de natuur zijn er tussen de mega hoge Douglas sparren houten paden, platforms en bruggetjes gebouwd en overal lampjes of lichtinstallaties. En een 4D-scherm waarop dieren zijn afgebeeld.
Langs de klif is er ook een wandelpad dat een geweldig uitzicht biedt en de eeuwenoude bomen laat zien die in de rotswand gegroeid zijn, op zoek naar water.
Natuurlijk is het toeristisch en ondanks dat het natuurvriendelijk gedaan is verstoort het de natuur wel met al het neplicht. Gelukkig duurt het maar tot 9 uur ‘s avonds.
En we zagen een paar keer banden om bomen heen zitten die geen rekening houden met de groei van deze bomen. Dat is lastig om te zien maar de lichtjes geven desondanks een magisch gevoel. Zachtjes klinken er kerstliedjes, drinken we warme chocolademelk en terwijl we ons pad volgen is iedereen eigenlijk stil. Dan doen de majestueuze groene reuzen, waar we tussendoor lopen, met ons. Zij zijn hier de baas en zo hoort het ook.
Op een speelse manier via bordjes en spellen leert men de importantie van de natuur en creëert zo respect. Sneu dat het zo moet, maar daar is dit toerisme dus goed voor.
The Cliff House is inmiddels een restaurant zoals in films. Volledig van hout en een open haard met grove stenen als schouw. Zalm uit de rivier met natuurlijk maple syrup uit de esdoorn voedt onze magen. En met longen vol zuurstof stappen we in de shuttle die ons terugbrengt naar de reuring van de stad.
En hoe sluiten we dit avontuur dan af? Zoals het hier in het land van de esdoorn hoort. In een watervliegtuig!
Opeengestapeld nemen we plaats in de kleine ruimte van het karakteristieke oudere vliegtuig.
De motoren ronken, de piloot draait aan zijn hoogtewiel en daar gaan we! Het duurt maar 20 minuten maar wat een magnifiek uitzicht over de skyline, Stanley Park waar we gelopen hebben, de twee stadions en natuurlijk….de grandioze natuur! Al dat heldere water, de dikke laag bebossing op alle omliggende eilanden en beginnende sneeuw op de bergtoppen.
Met de eerste strepen van de zonsondergang op de koop toe.
Ronkend en licht rammelend landen we met onze super blije koppies weer op het water. Wat een ervaring!
Eigenlijk biedt deze stad alles. Veilig, heel erg inclusief, schoon en rustig maar toch gezellig met allerlei leuke restaurants en brouwerijen.
En ben je de stad zat, dan neem je de regelmatig vertrekkende ferries of watervliegtuigen naar Vancouver Island of één van de andere omringende eilanden. Of je gaat lekker hiken of skiën in de bergen.
Daar hebben we nu geen tijd voor maar we komen ooit zeker terug!



















